Beter benutten, ook op het water - VerkeersCentrale van Morgen

traffic-management-water-and-roads

Om de groeiende scheepvaart efficiënt en veilig te begeleiden is de VerkeersCentrale van Morgen bedacht. Alle schepen worden vanuit één centrale begeleid. Hier komt alle informatie over schepen, vaarwegen en objecten binnen. Sluizen en bruggen kunnen ook vanuit deze centrale worden bediend.

Artikel uit Objective 26, 2016 - ook beschikbaar in pdf

De Nederlandse rivieren behoren tot de drukst bevaren wateren van Europa en het wordt alleen maar drukker. De komst van de Tweede Maasvlakte leidt tot groei van de binnenvaart. Maar ook de recreatievaart groeit. Dat vraagt om serieuze verkeersmanagementsmaatregelen om ook in de toekomst de veiligheid en efficiëntie van de Nederlandse scheepvaart te garanderen. Op drukke plekken in Nederland wordt het scheepvaartverkeer nu al begeleid vanuit verkeersposten. Ze staan bij de zeehavens van Rotterdam en Amsterdam, bij grote sluizencomplexen zoals in de Zeeuwse wateren, op drukke knooppunten en bij smalle bochten. Het personeel in de verkeerscentrale heeft een groter overzicht dan de schipper. Ze kunnen het verkeer organiseren, om opstoppingen of aanvaringen te voorkomen. Elke verkeerspost heeft echter een grens aan zijn werkgebied. Daarbuiten houdt de verkeersbegeleiding op.

Verkeerscentrale van Morgen

De Verkeerscentrale van Morgen (VCM) lost deze beperkingen op en kan het scheepvaartverkeer over een complete corridor actief begeleiden: van Amsterdam naar Antwerpen en van Rotterdam naar Duisburg. Alle systemen, communicatie en bediening worden in één centrale samengebracht. Verkeersleiders volgen schepen van hun startpunt tot hun eindpunt en anticiperen op het vaarplan van de schipper. “Met deze planning ben je zo laat bij brug A die open moet, en zo laat bij sluis B.” De brugwachter weet wanneer de brug open moet en de sluismeester kan zijn sluiskolk efficiënt plannen. Met de VCM als middelpunt kunnen alle partijen hun planning dynamisch op elkaar afstemmen.

Iedereen wint

Met zo’n planning kan de schipper veel gelijkmatiger varen en op brandstof besparen. Hij kan zijn klanten beter van dienst zijn omdat hij zijn vaartijd veel beter kan voorspellen. De sluismeester kan zijn sluizen efficiënter vullen; meer gericht op een vlotte doorstroming. De brugbedienaar kan schepen in een dienstregeling plaatsen en ze zo een “blauwe golf” aanbieden, waarbij schippers een minimale wachttijd voor bruggen hebben. Omgekeerd weten schippers tijdig van welke overnachtingshaven ze gebruik kunnen maken om daar hun vaartijden op aan te passen. 

Stratenboek en verkeersinformatie

De VCM combineert een aantal systemen en technologieën die al beschikbaar zijn. De schipper meldt zijn reis- en ladingsgegevens in het Binnenvaart Informatie en Communicatie Systeem (BICS). Hier staan de startplaats en de bestemming in. Nieuw is dat schippers ook een vaarplan communiceren, waarin staat wanneer de schipper belangrijke punten op zijn reis passeert zoals sluizen of bruggen en waar de schipper denkt af te meren of te overnachten. Gegevens over de vaarwegen komen uit het vaarweginformatiesysteem (FIS), een soort stratenboek van de Nederlandse wateren, inclusief de waterstanden, openingstijden van objecten, etc. Hoe druk het op de Nederlandse wateren is en welke schepen zich waar bevinden, kunnen we bepalen met het Automatische IdentificatieSysteem (AIS) dat schepen aan boord hebben.

Trajectplanner combineert bestaande systemen

Alle genoemde systemen komen samen in de Trajectplanner, een simulatiemodel dat prognoses maakt van de routes die schepen varen en de planning van de sluizen. Het model bekijkt of het schip alle objecten kan passeren en of er stremmingen of storingen op de route zijn. Daarna simuleert de Trajectplanner de reis van het schip, samen met al het andere verkeer. De Trajectplanner vormt het brein van de VCM. Maar de centrale heeft ook handen en ogen nodig: de bediening van alle objecten en de beelden van alle videocamera’s en radarstations langs het water komen in deze ene centrale binnen.

Werelden verbinden

In de VCM komen de werelden van waterhuishouding en vaarwegen samen. Dat verhoogt de complexiteit. Een sluis reguleert het waterpeil voor de scheepvaart, maar heeft ook een rol voor de afwatering van de polders. Technolution heeft daarvoor de technische kennis, maar ook kennis van de domeinen om die koppelingen goed te kunnen maken. Wij snappen de informatie die we verwerken en we weten wat de gebruiker aan boord of in de centrale nodig heeft. We maken samen met de gebruikers userinterfaces op maat om op het juiste moment de juiste informatie te tonen; steeds vanuit de gebruiker beredeneerd.

Privacy en economische belangen

Privacy is een belangrijk onderwerp in systemen die locatie- en ladingsgegevens registreren. Bovendien heeft de logistieke sector ook economische belangen bij haar gegevens. De kennis wie wat vervoert delen schippers en reders liever niet met concurrenten. Schippers hebben een overeenkomst met Rijkswaterstaat voor het leveren van locatie en reis- en ladingsgegevens, met strikte afspraken over hoe die gebruikt mogen worden. Anderzijds kan een schipper ook voordeel hebben van het delen van zijn vaarplan. Hij wordt beter geholpen in zijn behoefte om vlot en veilig te varen en op tijd aan te komen. Zelfs het delen van ladingsgegevens met bijvoorbeeld de politie kan voordelen hebben. Die kan vanuit een rijke ervaring waarschuwen als ze een melding van een specifieke lading zien. Een partij schroot kan radioactieve eigenschappen hebben of organisch materiaal kan gaan broeien. Je geeft wat weg, maar krijgt ook wat terug.

Een bruikbaar stuk gereedschap

Het doel van dit soort nieuwe systemen moet altijd zijn: een bruikbaar en correct werkend stuk gereedschap voor de gebruiker. De eerste ervaringen met de introductie van de VCM stemmen positief. Sluismeesters met jaren ervaring in het plannen van grote sluiscomplexen aan het Amsterdam-Rijnkanaal reageerden nieuwsgierig: “Het is leuk, maar hij doet nog niet wat wij doen. We zien wel dat hier wat in zit, dus hier moeten we mee verder.” Door ermee te gaan werken, komem de logica en ervaring van de sluismeesters geleidelijk in het systeem en ontstaat een intelligent component.

Trajectbegeleiding breder inzetbaar

In een pilotproject heeft Rijkswaterstaat aangetoond dat ze de informatie over en bediening van objecten op één plek kan samenbrengen. Voor deze pilot zijn de Beatrix-sluizen aan het Amsterdam-Rijnkanaal op afstand overgenomen, plus de verkeerspost Nijmegen. Technisch is het een logische stap om ook alle andere verkeersposten en objecten op één plek samen te brengen. Verder is deze manier van het begeleiden over een corridor prima te vertalen naar de kleinere vaarwegen. Maar ook van de scheepvaart naar het wegverkeer, bijvoorbeeld voor het beroepsgoederenvervoer.

Innovatie draait niet alleen om technische hoogstandjes. De kunst is vooral om de techniek goed toe te passen in het domein van de klant en de eindgebruiker. Het combineren van verschillende werelden is een veel grotere uitdaging dan het maken van de technische keuzes. Om een goede applicatie neer te zetten moet je weten wat de informatie betekent. Daarna is het ‘slechts’ een kwestie van programmeren.

Contact:

joeri
  • Joeri Jansen
  • ✆ +31 (0)182 59 40 00
    Contact
mike-fafieanie
  • Mike Fafieanie
  • ✆ +31 (0)182 59 40 00
    Contact
paul-van-koningsbruggen-1
  • Paul van Koningsbruggen
  • ✆ +31 (0)182 59 40 00
    Contact

Gerelateerde items

Optimalisatie binnenvaart informatiesysteem BICS2

Lees verder

Project

Verkeerskundige coöperatieve systemen

Lees verder

Publicatie